Inbakeren – Waarom en hoe?

Zoals jullie al (heel lang geleden) konden lezen, is het voor ons de oplossing geweest om Lenne in te bakeren omdat ze zichzelf altijd wakker maakte door haar armen te bewegen of zelfs niet in slaap viel omdat ze zo veel bewoog met haar armen.

Ik vertel je vandaag wat meer over wat inbakeren is, waarom je het doet en hoe wij het aangepakt hebben.

Inbakeren is wanneer je een baby in een doek wikkelt, hierbij zijn schouders en armpjes strak inwikkelt en de benen losjes. Doordat je de schouders en armen blokkeert, is de baby veel beperkter in zijn bewegingen. De eerste weken zijn de bewegingen bij een baby ongecontroleerd, hij kan dus niet controleren welke beweging hij met zijn ledematen maakt, waardoor dit bij sommigen voor onrust zorgt.

Het doel van inbakeren is om rust te brengen. Rust die Lenne vooral overdag nodig had bij het in slaap vallen. ’s Nachts viel ze namelijk veel makkelijker in slaap, maar alsnog kozen we ervoor om haar ’s nachts ook in te bakeren. De gouden tip van het inbakeren kregen we van de vroedvrouw (van de 10de maand) die langskwam aan huis om mij nog wat bij te staan. Lenne viel namelijk vaak in slaap op mij wanneer we samen in de zetel zaten, maar als ik haar dan in haar park legde om verder te slapen (als ik dacht dat ze echt vast sliep), werd ze binnen de minuut weer wakker omdat ze de geborgenheid kwijt was en dus die ongecontroleerde bewegingen weer begon te maken. Het was uiteraard niet de bedoeling dat ik hele uren in de zetel zat met haar in mijn armen zodat juffrouwtje Lenne overdag wat sliep. Gelukkig werkte het inbakeren heel goed voor ons.

Je kan inbakeren met speciale inbakerdoeken, maar evengoed met gewone tetradoeken die overigens een stuk goedkoper zijn dan de speciale wikkeldekens en ook hun werk doen! Doordat Lenne in juni geboren is, vond ik het ook aangenamer om haar in te bakeren tetradoeken, omdat die toch wat meer luchtdoorlatend zijn. Omdat ik geen grote tetradoeken (hydrofiele doeken) in mijn bezit had, toonde ze mij hoe ik het moest doen met twee kleine tetradoeken (het normale formaat van 70×70 cm). De eerste weken was dit perfect te doen, maar nadien moest ik toch overschakelen op tetradoeken van 120×120 cm, gewoon omwille van het feit dat Lenne groeide en alsmaar minder goed in de kleine tetradoeken paste.

De techniek is eigenlijk heel simpel (en waarschijnlijk wijst een inbakerdoek zichzelf nog meer uit dan zo’n tetradoek). Ik sloeg altijd een hoek van de tetradoek om zodat ik een recht stuk had. Daar legde ik Lenne haar schouders mee gelijk. Belangrijk is wel dat je de schouders mee inbakert, omdat de baby zich anders kan loswringen. De ene kant van de doek sla je dan om het lichaam van je baby heen en stop je aan de rug goed vast (aan de binnenkant van de doek). Met de andere kant doe je hetzelfde, alleen eindigt dit stuk dus wel langs de buitenkant. De bedoeling is wel om alles echt strak rond je baby te wikkelen, want anders helpt het inbakeren niet. Het is een gek gezicht en je mag echt geen schrik hebben om de doek goed strak te trekken.

IMG_0485[1]

Bij ons was inbakeren echt dé oplossing voor Lenne haar “probleem”. Ik heb er geen seconde spijt van gehad dat we dit beginnen doen zijn. Inbakeren kan je doen totdat je baby zich begint om te rollen. Op dat moment mag het niet meer omdat anders het gevaar bestaat dat je baby zich niet meer kan terugrollen aangezien zijn handen en armen niet vrij zijn. Binnenkort vertel ik meer over het afbouwen ervan, want wij deden dit in verschillende stappen.

Heb jij de inbakertechniek toegepast bij jouw kind? Werkte het ook zo goed?

Kirsten X

Advertenties

4 thoughts on “Inbakeren – Waarom en hoe?

  1. Pingback: Inbakeren – Afbouwen | My Mummy Tale

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s